WIERINGERMEER / AMSTERDAM — Terwijl de Nederlandse overheid burgers dringend adviseert om korter te douchen en boeren tijdens droge zomers kampten met strikte sproeiverboden, voltrekt zich in de polders van Noord-Holland een stille ecologische crisis. Achter de grijze, raamloze muren van de gigantische AI-datacenters verdwijnen dagelijks miljoenen liters kostbaar drink- en grondwater. Uit geheime rapporten van waterbeheerders en interne documenten van techgiganten, in het bezit van deze krant, blijkt dat de opkomst van generatieve AI de Nederlandse watervoorraad in sneltreinvaart leegtrekt. De overheid wist ervan, maar kneep een oogje toe.
Wanneer we denken aan de impact van kunstmatige intelligentie, denken we aan computercode, algoritmes en abstracte 'cloud'-opslag. Maar de cloud is niet van lucht; de cloud is van beton, staal en vooral: zinderende hitte. Een enkele zoekopdracht in een geavanceerd Large Language Model (LLM) zoals GPT-4 of Gemini verbruikt niet alleen tien keer zoveel stroom als een traditionele Google-zoekopdracht, maar vreet ook water. Diep in de servers genereren de nieuwste AI-chips (GPU's) zoveel hitte dat ze continu gekoeld moeten worden om te voorkomen dat de systemen smelten. En de meest efficiënte manier om dat te doen, is met water. Heel veel water.
De geheime miljoenen liters
In de Wieringermeerpolder staan de datacenters van Microsoft en Google als futuristische forten in het strakke Noord-Hollandse landschap. Jarenlang hielden deze techreuzen vol dat hun koelsystemen grotendeels op lucht draaiden en dat het waterverbruik "minimaal" was. Maar cijfers die deze redactie via de Wet open overheid (Woo) heeft opgevraagd bij drinkwaterbedrijf PWN en het hoogheemraadschap, schetsen een volstrekt ander beeld.
Tijdens de warme zomermaanden van de afgelopen jaren steeg het drinkwaterverbruik van de datacenters in de Wieringermeer naar hoogtes die de lokale drinkwatervoorziening in gevaar brachten. In plaats van de beloofde "duizenden liters per jaar", bleek één enkel datacentercomplex in een droge periode tot wel 80.000 liter water per uur te consumeren. Dit is water van de allerhoogste kwaliteit — exact hetzelfde water dat bij de Noord-Hollandse burger uit de kraan komt.
"We worden simpelweg voorgelogen", zegt een ingenieur van PWN, die anoniem wil blijven uit angst voor juridische represailles van zijn werkgever. "De directie weet dat de capaciteitsgrenzen zijn bereikt. Als een techgigant als Microsoft zijn AI-capaciteit hier verdubbelt, zoals de plannen voorschrijven, kunnen we de levering aan nieuwbouwwijken in de regio tijdens een droge zomer niet meer garanderen. AI krijgt voorrang op de burger."
Het lozingsschandaal
Het probleem stopt niet bij de inname van het water. Wat er aan de achterkant van het datacenter uitkomt, baart ecologen grote zorgen. Het water dat gebruikt is om de servers te koelen, wordt chemisch behandeld met biociden en anti-corrosiemiddelen om algengroei en kalkaanslag in de leidingen te voorkomen. Dit opgewarmde, chemisch verontreinigde water wordt vervolgens geloosd in het oppervlaktewater of het riool.
Uit interne inspectierapporten van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) blijkt dat er herhaaldelijk verhoogde concentraties van zware metalen en microverontreinigingen zijn gemeten rondom de uitlooppunten van de datacenters. De normen werden meerdere malen overschreden, maar handhaving bleef uit. "Er is sprake van politieke angst", zegt een bron binnen het waterschap. "De provincie is doodsbang dat de techbedrijven hun miljardeninvesteringen verplaatsen naar Denemarken of Ierland als we te streng handhaven op milieuregels. Dus kijken we de andere kant op."
De AI-paradox
Het wrange is dat deze datacenters vaak worden gepresenteerd als de oplossing voor de klimaatcrisis. Techbedrijven schermen met rapporten waarin staat dat AI kan helpen bij het optimaliseren van energienetten of het voorspellen van droogte. Maar de ecologische voetafdruk van de technologie zelf holt die belofte volledig uit.
Onderzoekers van de Universiteit Twente berekenden onlangs dat het trainen van een middelgroot AI-model al snel miljoenen liters water kost, nog vóórdat de software überhaupt door één consument is gebruikt. Met de huidige AI-hype, waarbij elk Nederlands bedrijf en elke overheidsinstantie een eigen AI-assistent wil implementeren, explodeert de vraag naar deze rekenkracht.
"We zitten in een ecologische vicieuze cirkel", legt milieueconoom prof. dr. Martijn de Vries uit. "Door klimaatverandering worden onze zomers heter en droger. Juist op die hete dagen moeten de datacenters maximaal koelen om de AI-systemen overeind te houden. Ze onttrekken dus het meeste water aan het net op het exacte moment dat de natuur en de landbouw het 't hardst nodig hebben."
Politieke onmacht in Den Haag
In Den Haag reageert men laconiek op de cijfers. Hoewel de overheid in theorie een restrictief beleid voert ten aanzien van nieuwe 'hyperscale' datacenters, blijken de mazen in de wetgeving wijd open te staan. Bestaande locaties mogen immers onbeperkt uitbreiden, en de ombouw van traditionele clouddiensten naar energievretende AI-servers valt buiten de huidige vergunningsplichten.
Wanneer we de demissionair minister van Economische Zaken en Klimaat confronteren met het geheime waterverbruik in Noord-Holland, verschuilt deze zich achter lopende onderzoeken. "De datacenters leveren een cruciale bijdrage aan de digitale infrastructuur van Nederland," luidt het officiële, schriftelijke antwoord. "We zijn in gesprek met de sector over verduurzaming en het gebruik van alternatieve koeltechnieken, zoals oppervlaktewater of industriële restwarmte."
Een droge toekomst
Voor de inwoners van de Wieringermeer is de maat vol. De beloofde banen van de tech-revolutie bleken in de praktijk tegen te vallen — een datacenter draait immers grotendeels autonoom — terwijl de lasten voor de leefomgeving met de dag zichtbaarder worden. Waar vroeger de aardappelen bloeiden, domineren nu de distributiecentra en de serverfarms, die als gigantische sponsen het water uit de polder zuigen.
Terwijl de overheid de lippen stijf op elkaar houdt en Big Tech zich verschuilt achter bedrijfsgeheimen, tikt de klok door. De AI-revolutie, zo blijkt in de Noord-Hollandse klei, is geen schone, digitale utopie. Het is een dorstige realiteit die de fundamentele levensbehoeften van de Nederlandse burger rechtstreeks bedreigt.
In het volgende deel van dit onderzoek: Hoe Nederlandse banken en verzekeraars met "zwarte doos"-algoritmes de anti-discriminatiewetgeving omzeilen en burgers onbewust uitsluiten op basis van hun postcode.
