Een pneumothorax, in de volksmond beter bekend as een klaplong, is een acute en beangstigende toestand waarbij er lucht stroomt in de pleuraholte (the ruimte tussen het longvlies en het borstvlies). Normaal gesproken heerst er in deze ruimte een vacuüm (negatieve druk), waardoor de elastische long wordt meegezogen met de bewegingen van de borstkas tijdens het ademen. Wanneer er lucht in deze ruimte lekt, verdwijnt het vacuüm en klapt de long door haar eigen elasticiteit gedeeltelijk of volledig samen.

Vormen en Oorzaken

Er worden hoofdzakelijk drie vormen van een pneumothorax onderscheiden:

  1. Primaire spontane pneumothorax: Dit treedt op zonder aanwijsbare oorzaak of voorafgaande longziekte. Het overkomt typisch jonge, lange en slanke mannen (vaak tussen de 15 en 30 jaar). Roken verhoogt de kans hierop drastisch. De oorzaak is meestal het knappen van een klein, aangeboren luchtblaasje (een bleb) aan de top van de long.

  2. Secundaire pneumothorax: Dit ontstaat als complicatie van een reeds bestaande longziekte, zoals COPD (emfyseem), longfibrose of mucoviscidose, waarbij de longwand verzwakt is.

  3. Traumatische pneumothorax: Veroorzaakt door een letsel van buitenaf, zoals een gebroken rib die de long doorboort, een messteek, of als complicatie van een medische ingreep (bijvoorbeeld een longbiopsie).

Een speciale, levensbedreigende variant is de ventielpneumothorax (spanningsthorax). Hierbij werkt het lek als een eenrichtingsventiel: er stroomt bij elke inademing wel lucht de pleuraholte in, maar er kan bij de uitademing geen lucht meer uit. De druk in de borstkas loopt zo hoog op dat de gezonde long en het hart worden weggedrukt, wat leidt tot een acute circulatiestilstand.

Symptomen

De symptomen van een klaplong treden vrijwel altijd zeer plotseling op:

  • Een acute, scherpe en stekende pijn aan één kant van de borstkas, die vaak uitstraalt naar de schouder en verergert bij diep inademen.

  • Plotselinge kortademigheid en een snelle, oppervlakkige ademhaling.

  • Een droge prikkelhoest.

  • Bij een spanningsthorax: extreme blauwkleuring (cyanose), een hálve ademhaling, een kelderende bloeddruk en acute doodsangst.

Diagnose en Behandeling

De diagnose wordt snel bevestigd met een staande röntgenfoto van de borstkas (X-thorax), waarop de samengevallen long en de luchtlaag eromheen duidelijk zichtbaar zijn.

De behandeling hangt af van de grootte van de klaplong. Een kleine, eerste primaire klaplong kan vaak thuis herstellen met rust en pijnstillers; de lucht wordt dan door het lichaam zelf geresorbeerd. Bij een grotere klaplong of ernstige kortademigheid moet de lucht worden weggezogen. Dit gebeurt via een punctie of door het inbrengen van een borstkasslang (thoraxdrain) onder lokale verdoving. Bij terugkerende klaplongen kan een chirurgische ingreep (pleurodese of het 'plakken' van de longvliezen) nodig zijn om herhaling te voorkomen.